LawyrupBurgerlijk wetboekZakelijke rechten (Boek 5 B.W.)Erfpacht (Titel 7, Boek 5 B.W.)

Erfpacht (Titel 7, Boek 5 B.W.)

Inleiding erfpacht

In Titel 7, Boek 5 B.W. wordt de erfpacht in de wet geregeld. De Titel omvat 16 artikelen (art. 5:85 B.W. tot en met art. 5:100 B.W.).

Van oorsprong is de erfpacht een vorm van langdurige “verhuur”, maar dan op zakenrechtelijke basis, waarbij een boer een boerderij of een stuk grond pacht van de eigenaar. Vermoedelijk gaat dit terug op het feodale leenstelsel, waarbij een landheer meerdere landerijen aan verschillende boeren in erfpacht gaf.

Tegenwoordig maken gemeenten ook gebruik van erfpacht om op die manier langs civielrechtelijke weg invloed uit te kunnen oefenen op het gebruik van de grond, die wordt verkocht aan projectontwikkelaars voor woningbouw.

Definitie erfpacht

Art. 5:85 lid 1 B.W. definieert erfpacht als een zakelijk recht, dat de erfpachter de bevoegdheid geeft eens anders onroerende zaak te houden en te gebruiken. Voor het begrip “houden” zie ook de pagina Bezit en houderschap: het krachtens een rechtsverhouding met de eigenaar in bezit houden van een zaak onder erkenning dat deze aan een ander toebehoort.

Erfpacht heeft dus alleen betrekking op onroerende zaken. Het betreft een “zakelijk recht”, dus het rust op de onroerende zaak zelf. Dit in tegenstelling tot een persoonlijk recht, dat berust op een afspraak met de eigenaar zonder dat deze als zakelijk recht is gevestigd.

Wijze van vestigen

Net als de andere zakelijke rechten wordt erfpacht gevestigd door middel van een notariële akte en registratie daarvan in het Kadaster.

Canon

In de akte kan worden bepaald, dat voor het gebruik een vergoeding verschuldigd is. Deze noemt men bij erfpacht de “canon”.

Duur van de erfpacht

De duur van de erfpacht wordt bepaald in de akte van vestiging (art. 5:86 B.W.). In de regel wordt de erfpacht voor lange duur aangegaan (30 jaar is gebruikelijk). Soms – met name bij de erfpacht verleend door gemeenten ziet men dit vaker – wordt zelfs “eeuwigdurende” erfpacht afgesproken, waarmee in feite eigendom zeer dicht wordt benaderd.

Verbod overdracht of splitsing

In de akte kan worden bepaald, dat de erfpacht niet zonder toestemming van de eigenaar mag worden overgedragen of gesplitst (art. 5:91 B.W.). In lid 4 wordt een voorziening gegeven voor het geval de eigenaar op onredelijke gronden toestemming weigert.

Ondererfpacht

De pachter mag de verpachte onroerende zaak op zijn beurt aan een derde verpachten, tenzij de akte van vestiging dit niet toelaat (art. 5:93 B.W.). De ondererfpacht eindigt gelijktijdig met de erfpacht.

Verhuren van verpachte zaak

De pachter mag de verpachte zaak ook verhuren. Bij einde van de huur moet de eigenaar de huur in beginsel gestand doen (art. 5:94 B.W.).

Relevante jurisprudentie

Hoge Raad 29 april 2016 (Gem. Amsterdam/NN) – vaststelling nieuwe canon

Hoge Raad 5 februari 2010 (NN/Hoogheemraadschap Noorderkwartier) – vervangende toestemming overdracht/splitsing door de rechter o.g.v. art. 5:91 lid1 4 B.W.; rechter kan daaraan voorwaarden stellen

Hoge Raad 17 maart 2006 (NN/Gem. Amsterdam) – erfpacht standplaatsen marktkooplui

Auteur & Last edit

[MdV, 13-08-2018]

0 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 5 (0 votes, average: 0,00 out of 5)
You need to be a registered member to rate this.

Over Lawyrup

De website van Lawyrup bevat knowhow over vermogensrecht, civiel proces- en executierecht en insolventierecht. Elke Paragraaf, Afdeling, Titel en Boek van de wet heeft een pagina. Elke pagina geeft een toelichting op de wet met links naar de actuele wettelijke bepalingen op “wetten overheid”. Daarnaast behandelt Lawyrup de bijbehorende relevante rechtspraak met ECLI-links.