LawyrupBurgerlijke rechtsvorderingArbitrage (Boek 4 Rv.)Arbitrage in Nederland (Titel 1, Boek 4 Rv.)Vernietiging en herroeping arbitraal vonnis (Afd. 5, Titel 1, Boek 4 Rv.)

Vernietiging en herroeping arbitraal vonnis (Afd. 5, Titel 1, Boek 4 Rv.)

Inleiding vernietiging en herroeping arbitraal vonnis

Een regelmatig voorkomend geschil is de betwisting van een niet welgevallig arbitraal vonnis door één van de partijen. In Afd. 5, Titel 1, Boek 4 Rv. wordt de mogelijkheid tot vernietiging of herroeping van een arbitraal vonnis behandeld in 7 artikelen (art. 1064 Rv. tot en met art. 1068 Rv.). (*NB)

*NB de wettelijke regeling van arbitrage is per 1 januari 2015 herzien. De bespreking hierna is gebaseerd op de nieuwe regeling.

Rechtsmiddelen tegen arbitraal vonnis

Tegen een arbitraal vonnis staan – afgezien van de in de vorige afdeling behandelde hoger beroep – slechts de rechtsmiddelen van vernietiging en herroeping open (art. 1064 Rv.).

Vordering tot vernietiging arbitraal vonnis

De vordering tot vernietiging van een arbitraal vonnis moet worden ingesteld bij het Hof binnen het ressort waar de arbitrage plaatsvond (art. 1064a lid 1 Rv.).

Termijn van instellen vordering vernietiging

Voor het instellen van de vordering gelden twee termijnen:

1. drie maanden na het verzenden (of indien afgesproken: het depot) van het arbitrale vonnis en

2. drie maanden na betekening van het vonnis aan de verliezende partij.

Dat kan tot problemen leiden, zoals blijkt uit het arrest HR 15 juni 2018 (Bursa Büyüksehir Belediyesi/Siemens c.s.). Deze uitspraak had betrekking op de oude wettekst van deze bepaling. De Hoge Raad overwoog:

“Volgens de tekst van art. 1064 lid 3 (oud) Rv kan de vordering tot vernietiging, voor zover hier van belang, worden ingesteld “binnen drie maanden na” de betekening van het arbitrale vonnis, voorzien van een verlof tot tenuitvoerlegging, aan de wederpartij.
Uit de formulering van de bepaling, en in het bijzonder uit het gebruik van de woorden “binnen” en “na”, volgt dat de vordering uitsluitend tijdens het lopen van deze tweede termijn kan worden ingesteld, en niet ook voorafgaand daaraan (vgl. HR 21 maart 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA4945, NJ 1998/207 (Eco Swiss/Benetton), rov. 5.2 slot). Deze lezing sluit aan bij hetgeen in de parlementaire geschiedenis is opgemerkt over de ratio van de tweede termijn, te weten dat de vordering tot vernietiging – naast de mogelijkheid van herroeping – het enige rechtsmiddel is tegen het verlenen van een verlof tot tenuitvoerlegging, en dat zonder de tweede termijn geen vernietiging meer zou kunnen worden gevraagd als verlof wordt verleend na afloop van de eerste termijn (Kamerstukken II 1985/86, 18464, nr. 6, p. 36-37). Op dezelfde grond is de tweede termijn gehandhaafd in het huidige art. 1064a lid 2 Rv (Kamerstukken II 2013/14, 33611, nr. 6, p. 12). Ook de literatuur gaat ervan uit dat de vordering tot vernietiging alleen binnen de tweede termijn kan worden ingesteld, en niet voorafgaand daaraan, afgezien van het geval dat de eerste termijn nog loopt (zie de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 2.22-2.28). De opvatting van het onderdeel strookt dus niet met de wettekst en de parlementaire geschiedenis.”

Het lastige in deze situatie was dus dat de vordering niet meer mogelijk was volgens de eerste termijn, maar anderzijds nog niet mogelijk was omdat er niet was betekend. Op zich een wat onbevredigende uitkomst.

Vordering tot schorsing tenuitvoerlegging arbitraal vonnis

Wanneer een partij vernietiging van een arbitraal vonnis vordert op grond van art. 1065 Rv. leidt die vordering niet van rechtswege tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van het arbitraal vonnis (art. 1066 lid 1 Rv.).

Daartoe moet de meest gerede partij (meestal dus degeen die de vernietiging vordert) een schorsingsverzoek indienen bij de rechter, die over de vernietiging dient te oordelen, totdat op de vordering tot vernietiging onherroepelijk is beslist (art. 1066 lid 2 Rv.). Deze bepaling was voor de wetswijziging per 1 januari 2015 gelijkluidend.

Deze schorsing van de tenuitvoerlegging tijdens hoger beroep zagen we – tegen een beslissing van de Voorzieningenrechter – recent nog in het hoger beroep in het kort geding Viruswaarheid/Staat. Het principe is in arbitrage hetzelfde, maar dan gaat het dus niet om hoger beroep maar om een eis tot vernietiging van het arbitrale vonnis wegens – volgens de eiser tot vernietiging – ernstige fouten.

Een dergelijk schorsingsverzoek deed zich voor in de Yukos-zaak. De rechtbank had het arbitrale vonnis vernietigd, maar het Hof had die vernietiging ongedaan gemaakt, waardoor het arbitrale vonnis weer uitvoerbaar werd. De Russische Federatie stelde cassatie in bij de Hoge Raad, en vorderde schorsing van de tenuitvoerlegging. De Hoge Raad besliste in HR 25 september 2020 (RFSR/Yukos c.s.) dat hij – hoewel een vordering in kort geding ook mogelijk was geweest – als rechter die over de vordering tot vernietiging moest oordelen (in cassatie) inderdaad degeen was aan wie een dergelijk schorsingsverzoek gericht kon worden. De Hoge Raad wees het schorsingsverzoek vervolgens overigens af in HR 4 december 2020 (RFSR/Yukos c.s.).

Zekerheidstelling door “eiser in 1e aanleg”

Op grond van art. 353 lid 2 Rv. kan in hoger beroep alleen op de voet van art. 224 lid 1 Rv. zekerheid voor de proceskosten gevorderd worden van degeen die in 1e aanleg eiser was, indien die tevens het hoger beroep heeft ingesteld. In Hof Den Haag 29 juni 2020 (publicatie ingetrokken) besliste het Hof, dat de eiser tot vernietiging van het arbitrale vonnis niet de eiser “in 1e instantie” was. De 1e instantie was de arbitrale procedure, en daarin was de eiser tot vernietiging de verweerder.

Rechtspraak

HR 15 juni 2018 (Bursa Büyüksehir Belediyesi/Siemens c.s.) – de vordering tot vernietiging was – volgens art. 1064a Rv. (oud) te laat ingesteld voor wat betreft de 1e termijn maar te vroeg voor de 2e (binnen drie maanden na betekening).

Auteur & Last edit

[MdV, 24-12-2019; laatste bewerking 16-03-2021]

Over Lawyrup

De website van Lawyrup bevat knowhow over vermogensrecht, civiel proces- en executierecht en insolventierecht. Elke Paragraaf, Afdeling, Titel en Boek van de wet heeft een pagina. Elke pagina geeft een toelichting op de wet met links naar de actuele wettelijke bepalingen op “wetten overheid”. Daarnaast behandelt Lawyrup de bijbehorende relevante rechtspraak met ECLI-links.

Vond je deze content nuttig? Steun Lawyrup met een donatie naar keuze.

Doneren