Zekerheidstelling proceskosten (art. 224 Rv.)

Inleiding

De gedaagde, die door een buitenlandse procespartij wordt gedagvaard, zal zich kunnen verweren met de eis, dat de eiser eerst zekerheid moet stellen voor de proceskosten. De fraaie Latijnse naam van deze tegenwerping is “cautio iudicatum solvi”. Dit incident wordt geregeld in art. 224 Rv..

De gedachte hierachter is, dat de gedaagde – wanneer hij de procedure wint en de eiser in de proceskosten veroordeeld wordt – niet genoodzaakt wordt om naar een ver buitenland te gaan om te proberen daar deze kosten te verhalen, waarbij ook de erkenning van het Nederlandse vonnis een probleem kan gaan vormen.

Dit verweer kan niet gevoerd worden tegen een eiser uit een andere lidstaat van de EU. Dat is logisch, omdat binnen de EU sprake is van erkenning van titels en er meer mogelijkheden zijn om tot tenuitvoerlegging van uitspraken over te gaan.

Daarnaast kunnen er andere verdragsrechtelijke afspraken zijn, die de vordering tot zekerheidstelling uitsluiten. Zoals voor partijen in de USA (zie rechtbank Amsterdam d.d. 22 oktober 2014).

Zekerheidstelling t.b.v. derde in verklaringsprocedure

In een procedure waarin de verklaring van een derde-beslagene door de executant wordt betwist, kan de derde ook zekerheidstelling vorderen voor de proceskosten. Zie de pagina executoriaal derdenbeslag.

Algemeen

Deze pagina zal nader worden uitgewerkt. Hier alvast enige rechtspraak via de website van Boek9.nl. In het IE-recht kunnen immers bij wijze van uitzondering de integrale proceskosten gevorderd worden, reden waarom dit incident in die procedures te meer interessant is.

Rechtspraak cautie op Boek9.nl

*NB de links naar de wettekst verwijzen naar de versie van de wet zoals die geldt voor digitaal procederen. Zie voor niet-digitaal deze link.

Rechtspraak

HR 11 januari 2019 (derde uit VAE/mr. Dekker q.q. curator LCG Canada Financial Products 1 B.V.) – zekerheidstelling proceskosten buitenlandse procespartij geldt ook voor derde die in verzet komt tegen faillietverklaring;

Rb. Overijssel 7 november 2018 – Brexit geen reden voor toewijzing cautio iudicatum solvi. Er is ook een bilateraal verdrag, dat in geval van uittreding van kracht is en zekerheidstelling eveneens uitsluit.

[Mdv, 24-02-2016; bijgewerkt 14-01-2019]

[Totaal: 0    Gemiddelde: 0/5]

Commentaar bij het Nederlands (burgerlijk) recht: BW, Rv. en Fw.