Opschortingsrechten (Afd. 7, Titel 1, Boek 6 B.W.)

Inleiding opschortingsrechten

Als onderdeel van het verbintenissenrecht in het algemeen voorziet de wet in een recht tot opschorting van de nakoming van een verbintenis door de schuldenaar van die verbintenis. Dit zijn de zgn. opschortingsrechten.

In het algemene deel van het verbintenissenrecht (Titel 1 van Boek 6 B.W.) wordt een algemene regeling van de opschortingsrechten gegeven in Afdeling 7.

Art. 6:52 B.W. stelt drie vereisten voor het inroepen van een opschortingsrecht:

– de (tegen)vordering van de schuldenaar moet opeisbaar zijn

– de wederpartij moet haar verplichting niet zijn nagekomen (toerekenbare tekortkoming is niet vereist)

– voldoende samenhang tussen de eigen vordering van de schuldenaar en verbintenis van de wederpartij

Van voldoende samenhang is volgens lid 2 sprake als de verbintenissen:

– over en weer voortvloeien uit dezelfde rechtsverhouding of

– uit zaken die partijen regelmatig met elkaar hebben gedaan

Omdat de bevoegdheid tot opschorting zich ook vaak zal voordoen bij wederkerige overeenkomsten, komt een specifieke regeling van opschortingsrechten bij overeenkomsten terug in Titel 5 van Boek 6 B.W.. Het vereiste van samenhang is bij wederkerige overeenkomsten (geregeld in Titel 5 van Boek 6 B.W.) echter stricter. Zie de pagina wederkerige  overeenkomsten.

De opschorting kan ook worden ingeroepen tegen de schuldeisers van de wederpartij (art. 6:53 B.W.). De schuldenaar die door middel van derdenbeslag wordt aangesproken tot nakoming van zijn betalingsverplichting kan zich dus ook op opschorting beroepen.

Geen bevoegdheid tot opschorting

Begrijpelijkerwijs kan de schuldenaar zich niet beroepen op opschorting als er iets mis is met zijn eigen nakoming (art. 6:54 B.W.):

– voor zover de nakoming van de verbintenis van de wederpartij wordt verhinderd door schuldeisersverzuim;

– voor zover de nakoming van de verbintenis van de wederpartij blijvend onmogelijk is;

– voor zover op de vordering van de wederpartij geen beslag is toegelaten.

Als de schuldenaar zelf in schuldeisersverzuim verkeert, veroorzaakt hij zelf de niet-nakoming door de wederpartij. Die kan dan zelf opschorten. Dit kan in de praktijk van belang zijn, omdat degeen die ten onrechte opschort terwijl hij zelf in verzuim is, de kans loopt dat de wederpartij vervolgens ontbindt. De schuldenaar moet dus wel zeker van zijn zaak zijn als hij zich op opschorting beroept.

Kan de wederpartij niet (meer) nakomen, dan heeft opschorting geen zin. Immers is het doel van de opschorting om nakoming te bewerkstelligen. De schuldenaar moet dan de weg van ontbinding volgen.

Zekerheidstelling en opschortingsbevoegdheid

Wanneer de wederpartij zekerheid gesteld heeft voor de nakoming, dan komt het doel van de opschortingsbevoegdheid ook weg te vallen (art. 6:55 B.W.). Zodoende kan ook dan de opschorting niet langer worden ingeroepen. De wetgever houdt een slag om de arm door toe te voegen: “tenzij deze voldoening daardoor onredelijk zou worden vertraagd”. Dit kan uiteraard weer discussie leiden wat is te verstaan onder “onredelijk vertraagd”.

Verjaring

Omdat de opschortingsbevoegdheid een verweermiddel is, staat verjaring niet aan het inroepen van die bevoegdheid in de weg (art. 6:56 B.W.). De ratio is, dat wanneer de wederpartij lange tijd stilzit en daardoor de verjaringstermijn verstrijkt omdat de schuldenaar denkt dat de wederpartij niet meer voor zijn vordering bij hem zal aankloppen, dit stilzitten niet voor rekening van de schuldenaar komt. Die dacht wellicht dat de wederpartij vanwege de tegenvordering niet meer achter de nakoming aan zou gaan. Zie ook de pagina verjaring.

Samenloopregeling retentierecht

Art. 6:57 B.W. geeft een samenloopregeling voor het retentierecht.

Auteur & Last edit

[MdV, 11-04-2018]

0 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 5 (0 votes, average: 0,00 out of 5)
You need to be a registered member to rate this.

Over Lawyrup

De website van Lawyrup bevat knowhow over vermogensrecht, civiel proces- en executierecht en insolventierecht. Elke Paragraaf, Afdeling, Titel en Boek van de wet heeft een pagina. Elke pagina geeft een toelichting op de wet met links naar de actuele wettelijke bepalingen op “wetten overheid”. Daarnaast behandelt Lawyrup de bijbehorende relevante rechtspraak met ECLI-links.