Recht van hypotheek (Afd. 4, Titel 9, Boek 3 B.W.)

Recht van hypotheek (Afd. 4, Titel 9, Boek 3 B.W.)

Inleiding recht van hypotheek

In Afd. 4 van Titel 9 van Boek 3 B.W. werkt de wet het hypotheekrecht verder uit. Deze afdeling omvat 17 artikelen (art. 3:260 B.W. t/m art. 3:275 B.W.).

In het spraakgebruik wordt met “hypotheek” vaak gedoeld op de lening, waarvoor hypotheek verstrekt is. Hypotheek is echter het zekerheidsrecht, dat met betrekking tot een “registergoed” (meestal een onroerende zaak oftewel een huis) wordt verleend als zekerheid voor de terugbetaling van die lening.

Wijze van vestigen: notariële akte

Een hypotheek (oftewel onderzetting van een registergoed als zekerheid) wordt gevestigd door middel van een notariële akte (art. 3:260 lid 1 B.W.). Deze moet worden ingeschreven in de openbare registers (zie ook de pagina inschrijvingen registergoederen). Als de wet een notariële akte voorschrijft, dan wordt bedoeld een Nederlandse notaris art. 3:31 B.W..

Vermelding hoogte van de verzekerde vordering

De akte moet een aanduiding bevatten van de vordering waarvoor de hypotheek tot zekerheid strekt, of van de feiten aan de hand waarvan die vordering zal kunnen worden bepaald.

Tevens moet het bedrag worden vermeld waarvoor de hypotheek wordt verleend of, wanneer dit bedrag nog niet vaststaat, het maximumbedrag dat uit hoofde van de hypotheek op het goed kan worden verhaald.

Bevoegdheid het goed in beheer te nemen

De hypotheekhouder kan – wanneer de hypotheekgever in zijn verplichtingen jegens hem in ernstige mate te kort schiet – dat de hypotheekhouder het verhypothekeerde goed in beheer nemen (art. 3:267 lid 1 B.W.).

Een nog verder strekkende maatregel is dat de hypotheekhouder de aan de hypotheek onderworpen zaak onder zich neemt, mits dit met het oog op de executie vereist is. In dat geval gelast de Voorzieningenrechter tevens de ontruiming van de woning.

Deze bevoegdheden moeten vooraf in de hypotheekakte worden bedongen. Voor de uitvoering van beide maatregelen moet de voorzieningenrechter van de rechtbank voorafgaand machtiging verlenen.

Meewerken aan executie

Wanneer de hypotheekhouder bevoegd wordt tot executie van het verhypothekeerde, moet de hypotheekgever en eenieder die de woning gebruikt vanaf de aanzegging van de executoriale verkoop dulden, dat de executiebiljetten worden aangeplakt. Ook moet worden meegewerkt aan bezichtiging ten behoeve van de verkoop (art. 3:267a B.W.). Deze bepaling is per 1 januari 2015 in de wet opgenomen om het voor de hypotheekhouder eenvoudiger te maken de verkoop ter hand te nemen, zonder de zwaardere maatregel van beheer te hoeven toepassen. De hypotheekhouder moet anders ook het onderhoud op zich nemen en het pand verzekeren.

In de kort geding uitspraak van Rb. Noord-Holland 10 april 2018 (Westland Utrecht/NN) weigerde de Voorzieningenrechter machtiging te verlenen tot binnentreden zonder toestemming van de bewoners. De vordering om de bewoners te veroordelen mee te werken aan de verkoop door op drie daarvoor aangewezen dagen toegang te verlenen en bezichtiging toe te staan werd wel toegewezen.

De Voorzieningenrechter overwoog daarbij:

“Weliswaar kan de hypotheekhouder zich bij de bezichtigingen laten bijstaan door een deurwaarder en de sterke arm, maar naar het oordeel van de voorzieningenrechter levert artikel 3:267a BW in samenhang met artikel 12 Grondwet en artikel 2 van de Algemene Wet op het Binnentreden (Awbi) geen bevoegdheid op voor de hypotheekhouder en/of belangstellenden om de onroerende zaak zonder toestemming van de bewoner te betreden. Ook overigens is er geen wettelijke grondslag op basis waarvan de voorzieningenrechter bevoegd is een machtiging af te geven voor het binnentreden van een woning.”

Verder overweegt de Voorzieningenrechter, dat er weliswaar een wetsvoorstel in de maak was om die wettelijke basis wel te verschaffen, maar daarop wil de rechter niet anticiperen:

Weliswaar is thans aanhangig het wetsvoorstel 34887 dat een voorstel tot wijziging van artikel 3:267a BW en het voorstel tot het opnemen van een nieuw artikel 550 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) inhoudt, maar dat maakt het voorgaande niet anders. Dit wetsvoorstel is ingediend omdat “in de praktijk onduidelijkheid gerezen (is) over de vraag hoe deze regeling zich verhoudt met of de Algemene wet op het binnentreden (Awbi), in het bijzonder als in de woning wordt binnengetreden zonder toestemming van de bewoner, een aanvullende machtiging van de rechter op grond van de Algemene wet op het binnentreden (Awbi) nodig is, dan wel of een machtiging op grond van de Awbi is vereist of geen van beide.” (Kamerstukken II 3384 nr. 3, Memorie van Toelichting).

“Weliswaar is thans aanhangig het wetsvoorstel 34887 dat een voorstel tot wijziging van artikel 3:267a BW en het voorstel tot het opnemen van een nieuw artikel 550 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) inhoudt, maar dat maakt het voorgaande niet anders. Dit wetsvoorstel is ingediend omdat “in de praktijk onduidelijkheid gerezen (is) over de vraag hoe deze regeling zich verhoudt met of de Algemene wet op het binnentreden (Awbi), in het bijzonder als in de woning wordt binnengetreden zonder toestemming van de bewoner, een aanvullende machtiging van de rechter op grond van de Algemene wet op het binnentreden (Awbi) nodig is, dan wel of een machtiging op grond van de Awbi is vereist of geen van beide.” (Kamerstukken II 3384 nr. 3, Memorie van Toelichting). Aannemend dat dit voorstel ook daadwerkelijk wet wordt, staat dan buiten kijf dat de artikelen 3:267a BW in samenhang met de artikelen 444 en 550 Rv een wettelijke basis geven om de woning tegen de wil van de bewoners binnen te treden. Die wettelijke basis is er op dit moment echter niet.”

Zie ook de Memorie van Toelichting op dit wetsvoorstel, en dan met name op art. 550 Rv.. En de Algemene wet binnentreden (Awbi).

Pandrecht en faillissement

Tijdens faillissement neemt de pandhouder een aparte positie in, waarin hij de verpande zaken buiten de boedel om kan uitwinnen. Zie ook in het onderdeel Faillissementswet de pagina Separatisten en de pagina Verificatie.

Relevante jurisprudentie

Rb. Noord-Holland 10 april 2018 (Westland Utrecht/NN) – de Voorzieningenrechter weigert een machtiging te verlenen tot binnentreden tegen de wil van de bewoner(s) wegens strijd met het recht op privacy; de hypotheekhouder moet desnoods met machtiging van de politie binnentreden.

Auteur & Last edit

[MdV, 6-08-2018]

0 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 5 (0 votes, average: 0,00 out of 5)
You need to be a registered member to rate this.

Over Lawyrup

De website van Lawyrup bevat knowhow over vermogensrecht, civiel proces- en executierecht en insolventierecht. Elke Paragraaf, Afdeling, Titel en Boek van de wet heeft een pagina. Elke pagina geeft een toelichting op de wet met links naar de actuele wettelijke bepalingen op “wetten overheid”. Daarnaast behandelt Lawyrup de bijbehorende relevante rechtspraak met ECLI-links.