Algemene bepalingen verzekering (Afd. 1, Titel 17, Boek 7 B.W.)

LawyrupBurgerlijk wetboekBijzondere overeenkomsten (Boek 7 B.W.)Verzekering (Titel 17, Boek 7 B.W.)Algemene bepalingen verzekering (Afd. 1, Titel 17, Boek 7 B.W.)

Algemene bepalingen verzekering (Afd. 1, Titel 17, Boek 7 B.W.)

Inleiding algemene bepalingen verzekering

In Afd. 1, Titel 17 B.W. vinden we de algemene bepalingen die voor alle soorten verzekeringsovereenkomst van kracht zijn. De afdeling omvat 19 bepalingen (art. 7:925 B.W. tot en met art. 7:943 B.W.).

Definitie verzekering

Art. 7:925 lid 1 B.W. geeft de definitie van de verzekeringsovereenkomst:
“Verzekering is een overeenkomst waarbij de verzekeraar zich jegens de verzekeringnemer verbindt tot het doen van een uitkering, zonder dat bij het sluiten der overeenkomst enige zekerheid bestaat, dat, wanneer of tot welk bedrag enige uitkering moet worden gedaan. De verzekeraar ontvangt in ruil daarvoor de verzekeringspremie”.

Uitkering

De uitkering kan ook anders dan in geld zijn. Ook kan het gaan om meerdere uitkeringen: bvb. als het een doorlopende (schade)verzekering is, voor meerdere schades. Of het kan gaan om periodieke betalingen (zoals een arbeidsongeschiktheidsverzekering).

Polis

De verzekeringsovereenkomst moet zo spoedig mogelijk schriftelijk worden vastgelegd en de verzekeraar moet de verzekerde daarvan een afschrift geven. De akte waarin de verzekeringsovereenkomst is vastgelegd heet polis (art. 7:932 BW). De verzekeraar moet mededelingen aan de verzekerde steeds schriftelijk doen (art. 7:933 BW).

De verzekering kan hetzij een schadeverzekering zijn, hetzij een sommenverzekering. Bij een schadeverzekering moet de verzekeraar de geleden schade aan de verzekerde betalen. Bij een sommenverzekering moet de verzekeraar een in de polis vastgelegd bedrag betalen.

Persoonsverzekering

Persoonsverzekering is de verzekering die het leven of de gezondheid van een mens betreft (art. 7:925 lid 2 B.W.). Bijvoorbeeld een overlijdensrisicoverzekering of een arbeidsongeschiktheidsverzekering of zorgverzekering.

Informatieplicht en sanctie

Een essentiële bepaling is art. 7:928 BW, waarin de informatieplicht van de verzekerde is vastgelegd. De verzekeraar moet immers in staat zijn om het risico in te schatten, teneinde te kunnen beoordelen of zij de verzekering wil afsluiten en zo ja, tegen welke premie.

Opzegging

De sanctie op het verstrekken van van onjuiste informatie, waardoor de verzekeraar de verzekeringsovereenkomst niet zou zijn aangegaan, staat in art. 7:929 BW en art. 7:930 B.W.. Voorheen was de sanctie opgenomen in art. 251 WvK, dat de verzekeraar de mogelijkheid bood de verzekering te vernietigen.

De verzekeraar kan bij ontdekking de verzekering opzeggen, nadat hij eerst de verzekerde kennis gesteld heeft. Daarbij geldt een termijn van twee maanden. Als de feiten aan het licht komen nadat er een uitkering geclaimd is, of wanneer er opzet in het spel is , kan de verzekering direct worden opgezegd. Dit is gewijzigd in opzeggen, per direct bij opzet of anders na twee maanden. De vernietigingsgronden van bedrog (art. 3:44 lid 3 B.W.) en dwaling (art. 6:228 B.W.) zijn voor de verzekering uitgesloten; de regeling vormt dus een lex specialis t.o.v. die bepalingen.

Geen uitkering of lagere uitkering

Art. 7:930 B.W. bepaalt dat geen aanspraak bestaat op uitkering, wanneer er sprake is van verzwijging. Leden 2 en 3 geven nadere regels, voor het geval de verzwegen informatie niet relevant is. Ook kan een evenredig lagere uitkering plaatsvinden, als de verzekeraar het risico wel had willen verzekeren, maar tegen een hogere premie of met een lagere uitkering.

Wanneer de verzekeraar bij kennis van de ware stand van zaken geen verzekering zou hebben gesloten, dan heeft de verzekerde geen recht op uitkering (art. 7:930 lid 4 B.W.). Het gaat dus – net als bij het recht van de verzekeraar om opzegging bij ontdekken van verzwijging van relevante feiten voordat er schade geclaimd wordt – om de vraag of de verzekeraar, de verzekering zou zijn aangegaan als hij deze feiten gekend had.

In het arrest van de Hoge Raad d.d. 19 mei 1978 (NJ 1978/607 Hotel Wilhelmina), wordt dit uitgangspunt reeds voor het oude recht verwoord: wanneer een verzekerde een omstandigheid niet heeft vermeld bij aangaan van de verzekering, dan kan de verzekeraar alleen dan de overeenkomst vernietigen c.q. is hij niet tot uitkering gehouden, indien een redelijk handelend verzekeraar bij bekendheid met de ware stand van zaken de verzekering niet zou hebben gesloten.

In het het arrest van de Hoge Raad 5 oktober 2018 (a.o. verzekering elektromonteur Delta Lloyd) verwijst de Hoge Raad naar dit arrest en beslist dat de verzekeraar zich alleen op die regel kan beroepen, wanneer de verzekerde kon weten dat de verzwegen informatie ertoe zou leiden dat de verzekeraar de verzekering niet zou aangaan. De verzekeraar heeft de verzekering derhalve ten onrechte opgezegd en de reeds uitgekeerde bedragen ten onrechte teruggevorderd.

Wanneer de verzekeraar een afwijkend acceptatiebeleid voert, dat de verzekerde niet zonder meer kan verwachten, dan kan de verzekeraar zich niet op de nietigheid van de polis beroepen als de verzekerde dit afwijkende acceptatiebeleid niet kende (of kon kennen).

Herverzekering

De bepalingen van de titel zijn niet van toepassing op herverzekering (art. 7:927 BW.). Dat is een verzekering waarbij een verzekeraar haar risico op haar beurt bij een andere verzekeraar afdekt.

Rechtspraak

Hoge Raad 5 oktober 2018 (a.o. verzekering elektromonteur Delta Lloyd) – wanneer de verzekeraar een afwijkend acceptatiebeleid voert, dat de verzekerde niet zonder meer kan verwachten, dan kan de verzekeraar zich niet op de nietigheid van de polis beroepen als de verzekerde dit afwijkende acceptatiebeleid niet kende (of kon kennen).

Auteur & Last edit

[MdV, 8-10-2018]

0 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 5 (0 votes, average: 0,00 out of 5)
You need to be a registered member to rate this.

Over Lawyrup

De website van Lawyrup bevat knowhow over vermogensrecht, civiel proces- en executierecht en insolventierecht. Elke Paragraaf, Afdeling, Titel en Boek van de wet heeft een pagina. Elke pagina geeft een toelichting op de wet met links naar de actuele wettelijke bepalingen op “wetten overheid”. Daarnaast behandelt Lawyrup de bijbehorende relevante rechtspraak met ECLI-links.