Verzuim van de schuldenaar (Par. 2)

Verzuim van de schuldenaar (Par. 2)

Inleiding verzuim van de schuldenaar

In Par. 2 van Afd. 9 Titel 1 Boek 6 B.W. is het zogeheten “verzuim” van de schuldenaar geregeld. De paragraaf omvat 7 artikelen (art. 6:81 B.W. tot en met art. 6:87 B.W.).

Verzuim: toerekenbaar niet presteren na opeisbaarheid

De schuldenaar is in verzuim, gedurende de tijd dat de prestatie uitblijft nadat zij opeisbaar is geworden (art. 6:81 B.W.). Verzuim is dus een continue situatie, die nog kan worden hersteld door alsnog na te komen. Vandaar de toevoeging: tenzij nakoming reeds blijvend onmogelijk is.

Voor verzuim geldt ook het vereiste van art. 6:74 B.W.: het niet nakomen moet toerekenbaar zijn.

Ook moet aan de eisen van art. 6:82 B.W. en art. 6:83 B.W. zijn voldaan.

Ingebrekestelling

In beginsel is voor het intreden van verzuim een ingebrekestelling nodig. Een ingebrekestelling is niet nodig:

– wanneer een termijn voor nakoming is afgesproken (fatale termijn)

– voor schadevergoeding uit onrechtmatige daad of de schadevergoeding wegens niet-nakomen als bedoeld in art. 6:74 B.W.

– in de situatie van art. 6:80 B.W. (voorzienbaar niet nakomen o.g.v. mededeling van de schuldenaar)

Vertragingsschade

De schuldenaar is verplicht de schade te vergoeden, die ontstaat door de te late nakoming (vertragingsschade), echter slechts voor zover hem toe te rekenen. Zie ook de pagina Verbintenissen tot betaling van een geldsom voor de gefixeerde vertragingsschade over de vordering tot betaling van een geldsom: de wettelijke rente. En de pagina Wettelijke verplichtingen tot schadevergoeding voor de schadevergoeding op grond van art. 6:105 B.W..

Bij nakoming tegelijkertijd schade vergoeden

De schuldeiser kan de na het verzuim door de schuldenaar aangeboden nakoming weigeren als niet tegelijkertijd de schadevergoeding ontstaan door het verzuim wordt vergoed (art. 6:86 B.W.).

Zie voor de manier waarop dit in de praktijk werkt het hieronder vermelde arrest van de Hoge Raad van 7 december 2018 (JED Textiles). De schadevergoeding en kosten moeten op grond van art. 6:105 B.W. ook de (redelijkerwijs te verwachten) schade omvatten die de schuldeiser door het verzuim in de toekomst zal lijden. Dit omvat logischerwijs niet evt. toekomstige schade en kosten die worden veroorzaakt door gebeurtenissen nadat het verzuim is geëindigd bij voorbeeld door crediteursverzuim als hiervoor bedoeld.

Vervangende schadevergoeding

De schuldeiser kan gedurende het verzuim meedelen, dat hij niet langer prijs stelt op de nakoming, maar in plaats daarvan vervangende schadevergoeding wil hebben (art. 6:87 lid 1 B.W.). Dit geldt niet wanneer er sprake is van blijvende onmogelijkheid tot nakomen.

Een slechts gering verzuim is onvoldoende om omzetting te eisen (art. 6:87 lid 1 B.W.).

Deze bevoegdheid is verwant aan de bevoegdheid ex art. 6:265 B.W. tot het ontbinden van een wederkerige overeenkomst bij niet-nakoming door de wederpartij bij die overeenkomst. Zie ook de pagina Wederkerige overeenkomsten.

Rechtspraak

HR 7 december 2018, JOR 2019/49 (JED Textiles/NN) – een aanbod tot het zuiveren van het schuldeisersverzuim (door alsnog na te komen) voldoet alleen aan art. 6:86 B.W., als dit aanbod ook de vergoeding van de schade en kosten omvat, die tijdens het verzuim voor de schuldeiser is opgekomen door het verzuim (en waarop de schuldeiser conform art. 6:85 B.W. gerechtigd is). De schade die vergoed moet worden omvat ook de redelijkerwijs te verwachten toekomstige schade (als bedoeld in art. 6:105 B.W.) (r.o. 3.4.2.). De schuldeiser kan ervoor kiezen een aanbod dat deze vergoeding niet omvat te aanvaarden, maar geeft daarmee niet zijn aanspraak op vergoeding daarvan prijs. Weigert hij het aanbod ten onrechte omdat dit wel de schade en kosten omvat, dan raakt de schuldeiser in schuldeisersverzuim (art. 6:58 B.W.). De schuldenaar mag echter op grond daarvan niet ontbinden. Hij zal dan op grond van art. 6:60 B.W. vaststelling door de rechter moeten vorderen, dat zijn aanbod aan de eisen van art. 6:68 B.W. voldoet en hij (onder de door de rechter te stellen voorwaarden) van de verbintenis bevrijd is. Wel schort het crediteursverzuim het verzuim van de schuldenaar op, waardoor de schade en kosten niet verder voor de schuldenaar oplopen gelet op art. 6:85 B.W..

Auteur & Last edit

[MdV, 13-07-2018; bijgewerkt op 13-02-2019]

0 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 5 (0 votes, average: 0,00 out of 5)
You need to be a registered member to rate this.

Over Lawyrup

De website van Lawyrup bevat knowhow over vermogensrecht, civiel proces- en executierecht en insolventierecht. Elke Paragraaf, Afdeling, Titel en Boek van de wet heeft een pagina. Elke pagina geeft een toelichting op de wet met links naar de actuele wettelijke bepalingen op “wetten overheid”. Daarnaast behandelt Lawyrup de bijbehorende relevante rechtspraak met ECLI-links.