Pandrecht (Afd. 2, Titel 9, Boek 3 B.W.)

Pandrecht (Afd. 2, Titel 9, Boek 3 B.W.)

Inleiding pandrecht

De regeling van het pandrecht is nader uitgewerkt in Afd. 2 van Titel 9 Boek 3 B.W. (art. 3:236 B.W. tot en met art. 3:258 B.W.).

Wijze van vestigen

De wijze van vestigen van het pandrecht – al naar gelang de aard van het goed – is bepaald in art. 3:236 en 3:237 B.W..

Vuistpand

In principe wordt het recht gevestigd door het goed in de macht van de pandnemer te brengen (zgn. “vuistpand”) (art. 3:236 B.W.). Bij andere dan voor fysieke beheersing vatbare zaken vindt dit plaats op de voor overdracht daarvan bepaalde wijze (lid 2).

Stil pandrecht (oftewel bezitloos pandrecht)

Alternatief is het vestigen van een pandrecht door middel van een authentieke akte of een onderhandse geregistreerde akte (art. 3:237 B.W.).

Goede trouw pandhouder

Wanneer degeen die een pandrecht op een roerende zaak (of recht aan order of toonder) verkrijgt bij het in bezit krijgen (d.w.z. wanneer het een vuistpand wordt) te goeder trouw is, dan is het pandrecht rechtsgeldig, ook al was de pandgever op het moment van het verlenen daarvan niet bevoegd (art. 3:238 B.W.). Lid 2 bepaalt dat de vuistpandhouder zijn later verkregen pandrecht dan ook kan inroepen tegen degeen die een eerder beperkt recht op de zaak heeft verkregen. Bvb. een stil pandrecht. Dan trekt de oudere stille pandhouder dus aan het kortste eind.

De regel van verkrijging door diefstal van art. 3:86 B.W. is van overeenkomstige toepassing. Dan trekt de verkrijger in beginsel aan het kortste eind. Zie de pagina revindicatie van gestolen goed.

Executie door de pandhouder

Art. 3:252 B.W. bepaalt, dat de de pandhouder verplicht is uiterlijk op de dag volgende op die van de executoriale verkoop kennis te geven aan de schuldenaar en de pandgever, alsmede aan hen die op het goed een beperkt recht hebben of daarop beslag hebben gelegd.

Voor deze mededeling geldt de Algemene Termijnenwet niet, aldus art. 7A:2031 B.W. (zie de pagina Slotbepaling Algemene Termijnenwet).

Pandrecht en faillissement

Tijdens faillissement neemt de pandhouder een aparte positie in, waarin hij de verpande zaken buiten de boedel om kan uitwinnen. Zie ook in het onderdeel Faillissementswet de pagina Separatisten en de pagina Verificatie.

Auteur & Last edit

[MdV, 11-03-2018; bijgewerkt 23-04-2018]

0 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 50 votes, average: 0,00 out of 5 (0 votes, average: 0,00 out of 5)
You need to be a registered member to rate this.

Over Lawyrup

De website van Lawyrup bevat knowhow over vermogensrecht, civiel proces- en executierecht en insolventierecht. Elke Paragraaf, Afdeling, Titel en Boek van de wet heeft een pagina. Elke pagina geeft een toelichting op de wet met links naar de actuele wettelijke bepalingen op “wetten overheid”. Daarnaast behandelt Lawyrup de bijbehorende relevante rechtspraak met ECLI-links.