Incidentele vorderingen (Afd. 10, Titel 2, Boek 1 Rv.)

Inleiding incidenten

In de dagvaardingsprocedure kunnen zogeheten “incidenten” worden opgeworpen. Dit zijn vorderingen en verzoeken, waarmee de procespartijen de rechter een verzoek kunnen doen in het kader van de eigenlijke procedure. De verschillende soorten incidenten komen aan de orde in Titel 2, afd. 10 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (“Rv.” – niet digitaal).

De afdeling omvat 18 bepalingen (art. 208 Rv. tot en met art. 224 Rv.), verdeeld over zes paragrafen.

In de onderstaande pagina’s in het menu aan de rechterzijde van deze pagina worden de verschillende incidenten die aan de orde kunnen komen in de dagvaardingsprocedure worden behandeld.

Welke soorten incidenten kunnen in een procedure worden opgeworpen?

Hoewel de incidenten geen gesloten systeem vormen, valt te denken aan de volgende incidenten:

vrijwaring
voeging en tussenkomst
verwijzing en voeging van procedures
provisionele vordering (is zelfde als voorlopige voorziening)
zekerheidstelling proceskosten
schorsing en hervatting
onbevoegdheid rechter (internationale rechtsmacht)
onbevoegdheid rechter (relatief of absoluut)
–  wraking en verschoning
uitvoerbaar bij voorraad verklaren
schorsing tenuitvoerlegging (executiegeschil of incident)
exhibitieplicht 843a Rv.
exceptio plurium litis consortium

*NB de links naar de wettekst op deze pagina verwijzen naar de versie van de wet zoals die geldt voor niet-digitaal procederen.

Wanneer kun je een incident instellen?

De mogelijkheid van het instellen van een incident verschilt naar de aard van het incident. Soms moet dit direct worden ingesteld, soms kan het ook op een later tijdstip.

Auteur & Last edit

[MdV, 24-04-2016, laatste bewerking 9-02-2022]

Over Lawyrup

Lawyrup, jouw gratis kennisbank voor burgerlijk (proces)recht! De website van Lawyrup bevat knowhow over vermogensrecht, civiel proces- en executierecht en insolventierecht.